Moet de expert zich mengen in het online debat?

Posted on Wednesday, 5 January, 2011 by

31


In het magazine van Wageningen Universiteit “Wageningen World” (pdf, op pagina 25) staat een artikel over sociale media “Moet de expert zich mengen in het online debat?”
De toevoeging “om zich te weren tegen de kracht van sociale media?” zet de toon voor de rest van het artikel. En de illustratie is veelzeggend voor de manier waarop sociale media gezien worden: gekakel, waar de expert zich boven verheven voelt. Ondanks een megafoon, krijgt hij niet veel aandacht.
Maar heeft ‘de expert’ aandacht voor de anderen?

Had er in plaats van ‘zich te weren tegen’, ook ‘profiteren van’ kunnen staan?

In het stuk komen sociale media er af als digitale stamtafels waar mensen kletsen, waar problemen slechts dienen als sociaal bindmiddel en om emoties op af te vuren. Wetenschappers kunnen er hooguit proberen aan damage control te doen. De meest positief denkende geïnterviewde is Cees van Woerkum, hoogleraar Communicatiestrategieen. van Woerkum: “De wetenschapper is verantwoordelijk voor de benutting van zijn resultaten. Daarom moet hij in contact kunnen treden met de mensen die het aangaat en daarvoor moet hij weten hoe er in de wereld van de sociale medida over die resultaten wordt gepraat.”

 

Leeft WUR onder een steen?

Ik vind het een schokkende vaststelling, dat de WUR dit rondstuurt aan al haar alumni. Dat van Woerkum, nota bene van de vakgroep die kennis- en innovatieprocessen bestudeert, de grootste verdienste van sociale media ziet louter als manier voor uptake van onderzoeksresultaten.

De toenmalige vakgroepscollega’s van van Woerkum, Niels Roling en Paul Engel, hadden het al in de vroege jaren negentig over kennissystemen, waar informatie via een sociaal proces van betekenisgeving omgezet wordt in kennis. Goedwerkende kennissystemen, zo doceerden zij, zijn een voorwaarde voor innovatie, en voor collectieve actie. En “facilitating innovation” was dus een belangrijke aanpak “for development”. Met de methodologie RAAKS (rapid appraisal of agricultural knowledge systems) bestudeerden we hoe brokjes informatie reisden tussen stakeholders… om vast te stellen dat er helaas veel eenrichtingsverkeer was, of niet iedereen toegang had. Als we toen hadden voorzien wat we nog maar 10 jaar later tot onze beschikking hadden: tweerichtingsverkeer, niet alleen geschreven tekst maar ook beeld en geluid, goedkoop en inclusief. Met de opkomst van sociale media hebben we eindelijk de communicatiemiddelen die we altijd al wilden om kennis en innovatie te faciliteren.

WUR zou in een volgend magazine moeten rectificeren: Sociale media zijn hard bezig kennisprocessen, waaronder wetenschap, in alle facetten te veranderen.


Elders wel opgemerkt

En dat is niet onopgemerkt gebleven. Social media zijn al jaren geleden omarmd als verschijnsel met ongekend kansen voor onderzoek en wetenschap door universiteiten in US en de hele wereld. Ook door  landbouwkundigen. Bij FAO organiseerde men twee jaar geleden voor het eerst een grootse knowledge ‘sharefair‘ waarbij sociale media een hoofdrol speelde. Bij CGIAR, de internationale landbouwonderzoekers, is het project ICT-KM, wat sinds 2006 sterk gericht is op adoptie van sociale media door de onderzoekers.

Om een paar in het oog springende mogelijkheden van sociale media voor wetenschap te noemen:

  • Luisteren, onderzoeken: miljoenen conversaties die voorheen niet toegankelijk waren zijn nu openbaar en doorzoekbaar. Dit zijn rijke schatten aan ruwe data, voor wie er mee om weet te gaan.
  • Gebruik van sociale media voor data verzameling: crowd sourcing.
  • Blogs als persoonlijk kennisinstrument: voor studenten, jonge onderzoekers als leerjournaal.
  • Samenwerken, gedeeld informatiemanagement en documenteren. Bijv. bookmarks delen, wikipedias.
  • Data verzamelen, ordenen en presenteren op basis van interactieve kaarten, zoals Google Maps.
  • Vroeg ideeën delen onderling (blogs): uit het dwangbuis van “publish or perish”.
  • Samen nadenken, verkennen, feiten boven water halen en bestaande beelden beinvloeden

Het onvolprezen Foodlog heeft met al deze mogelijkheden al geexperimenteerd en slaagt er bij vlagen erg aardig in om een zinnig debat van de grond te krijgen. Vele ‘Wageningse’ onderwerpen werden verkend, uitgediept en er ontstond ook werkelijke samenwerking en innovatie.

 

Wageningse voorbeelden

Is dit alles ontsnapt aan de aandacht van WUR en Wageningers, of is het een beperkte en gekleurde weergave van de auteur, Gaby van Caulil? Ik twijfel. Want inderdaad: WUR is behoorlijk onzichtbaar op het sociale web. Wageningers nemen zelden als zodanig deel aan het discours. Ik lees nooit iets over een WUR beleid op sociale media, over experimenten met blogs of Yammer of Twitter. LNV hoorde je daarover wél.

Maar aan de andere kant is het onmogelijk dat de auteur geen fervente voorstanders, die bredere opvatting van sociale media hanteren, heeft kunnen vinden.

Gelukkig zijn er WUR mensen die sociale media inzetten voor hun werk, zoals hier de vakgroep rurale sociologie, en hier een PhD’er die kennis over pijnboompitten uit de crowd benut voor haar onderzoek. Krijn Poppe, de Chief Science Officer bij EL&I, afkomstig van het LEI, houdt al sinds 2006 een blog bij op persoonlijke titel, maar altijd gerelateerd aan zijn werk. Waarom zijn Twitter gebruikers als WUR woordvoerder Simon Vink of informatiespecialist Wouter Gerritsma (Wowter, die ook blogt) niet naar hun mening gevraagd? En zo zijn er vast nog talloze voorbeelden. (laat ze weten?!, via de comments)

Tenslotte…

Moet de expert zich mengen in het online debat: ja natuurlijk, maar selectief en op een strategische wijze. Dat vereist eerder ‘luister’- dan ‘zend’vaardigheid… om te profiteren van de kracht van sociale media.

 

Posted in: Uncategorized